04-07-2003
Doodziek asbestslachtoffer wil forse schadeloosstelling
Dordrecht _ Hij hakte het asbest weg zonder bescherming, vertelde A. de Jong
donderdag na afloop van het kort geding dat zijn 67-jarige oom G. de Jong had
aangespannen tegen de voormalige scheepswerf Verolme in Alblasserdam. De neef
behartigt de zaken van zijn oom, die het geding niet kon bijwonen. De Alblasserdammer
heeft longvlieskanker als gevolg van blootstelling aan asbest en waarschijnlijk
niet meer zo lang te leven.
De Jong wil 45.000 euro van zijn oud-werkgever, als voorschot op de uitspraak
in een eventuele bodemprocedure. Op grond van de Tegemoetkoming Asbest Slachtoffers
heeft De Jong van de overheid een uitkering van ruim 15.000 euro ontvangen, geld
dat hij heeft aangewend voor een noodgedwongen verhuizing vanwege zijn gezondheidstoestand.
De 45.000 euro van Verolme waar hij aanspraak op wil maken, betreft materiële
en immateriële schade. De Alblasserdammer was 31 jaar lang in dienst bij
Verolme. Van 1958 tot 1962 was hij er ijzerwerker. In november 2001 werd bij
De Jong mesothelioom (kwaadaardige tumor in het longvlies) geconstateerd. Volgens
zijn advocate mr. N. van Popta is de oorzaak van deze vorm van kanker terug te
voeren op één oorzaak: blootstelling aan asbest. ,,Er is geen genezing
mogelijk, de vooruitzichten van mijn cliënt zijn slecht.''
Van Popta vertelde dat De Jong februari vorig jaar Verolme aansprakelijk stelde.
Hij deed dat omdat de scheepswerf niet zou instemmen met bemiddeling door het
Instituut Asbestslachtoffers, dat januari 2000 werd opgericht. Het instituut
probeert via contacten met werkgevers de juridische lijdensweg van asbestslachtoffers
te verkorten. Volgens Van Popta liet Verome zich in de contacten met het instituut
niet uit over bemiddeling, maar meldde slechts dat de zaak verjaard is. Het instituut
heeft inmiddels geen bemoeienis meer met de kwestie.
De raadsvrouw noemde in haar pleidooi een aantal arresten van de Hoge Raad waaruit
blijkt dat de verjaringstermijn van dertig jaar niet altijd houdbaar is. ,,Vanaf
1949 had de werkgever bekend moeten zijn met asbest, dus Verolme valt iets te
verwijten. Dat Verolme zich beroept op verjaring is niet redelijk en billijk,''
meende Van Popta. Bovendien, aldus de advocate, is in 1969 wetenschappelijk vastgesteld
dat deze vorm van kanker ook na meer dan dertig jaar manifest kan worden. ,,Verolme
had dus rekening moeten houden met claims.''
Advocate mr. P. Awater van Verolme meende dat een rapport over de gezondheidstoestand
van De Jong slechts gebaseerd was op diens verklaringen en van een oud-college.
Bovendien was na de overname van Verolme in 1989 door Van der Giessen-de Noord
niet meer te achterhalen wat voor werk De Jong precies had verricht bij de scheepswerf.
,,Uit zijn dossier blijkt alleen de datum van indiensttreding en zijn jubileum,''
zei Awater. Door branden en overstromingen in het verleden is archief sosieso
incompleet. ,,Informatie die meer dan veertig jaar teruggaat, is kwijt, Verolme
kan niet meer vaststellen wat er is gebeurd.'' Bovendien heeft de verjaringstermijn
van dertig jaar volgens Awater een 'absoluut karakter'. De bestuursrechter doet
over dertien dagen uitspraak
Bron: Rotterdams Dagblad