<< Terug naar het nieuwsoverzicht van 2000

16-06-2000

Woningstichting inventariseert asbest

Woningstichting Lucht en Licht gaat onderzoeken of in de 2400 woningen die ze bezit asbest aanwezig is. Een inventarisatie wees uit dat zo`n tweehonderd schuurtjes die huurders achter hun woning hebben gebouwd asbest bevatten. De bouwwerkjes achter de huizen werden onderzocht nadat onlangs in korte tijd twee schuurtjes afbrandden. Daarbij kwam asbest vrij. Binnenkort stuurt de woningstichting alle huurders een nieuwsbrief met informatie over hoe zij moeten handelen als asbest wordt aangetroffen. Wanneer bijvoorbeeld bij brand asbestresten vrijkomen, kan dat gevolgen hebben voor de gezondheid. `Vervangen van asbestplaten lijkt mij de beste oplossing`, zegt H. Manrho, hoofdafdeling vastgoed en projecten van de woningstichting. Dat moeten de huurders wel zelf beslissen. De schuurtjes zijn namelijk geen eigendom van Lucht en Licht, maar van de huurders. De woningstichting maakte onlangs een inventarisatie van schuurtjes en garages achter huurwoningen die mogelijk asbest bevatten. Lucht en Licht gaat er vanuit dat in golfplaten die ouder zijn dan tien jaar asbest zit. Na de schuurtjes volgt binnenkort eenzelfde inspectie van alle woningen.`We hebben zo`n 2400 woningen in ons bestand en daarom vergt die inventarisatie wat meer tijd`, aldus Manrho. In maart brandde in de Julianastraat een tuinschuurtje met twee asbesthoudende golfplaten tot de grond toe af. Eind mei ging een schuurtje aan de Noor in Buurse in vlammen op. De schuurtjes stonden achter een huurwoning van Lucht en Licht. Bij beide branden kwamen asbestdeeltjes vrij, die terecht kwamenin de nabije omgeving. In de Julianastraat in tuinen van buren, in Buurse op het kerkhof. In beide gevallen handelde de Woningstichting de zaak op dezelfde manier af. `De asbestresten dwarrelen neer in de omgeving. Als ze in de wijde omtrek terechtkomen, kan de eigenaar van het afgebrande schuurtje de boel moeilijk overzien. Daarom hebben wij die verantwoordelijkheid op ons genomen`, vertelt Manrho.

bron: Twentse Courant