<< Terug naar het nieuwsoverzicht van 2000

20-06-2000

`Bescherm agent bij ramp'

door Allard Besse

Politiemensen moeten beter worden beschermd tegen gevaarlijke stoffen bij branden en andere rampen. Alle korpsen dienen de risico's in hun regio op een rijtje te zetten.

Aan die lijst moet de uitrusting van de agenten (bijvoorbeeld gasmaskers op perslucht) worden aangepast, aldus de Nederlandse Politiebond (NPB) en politievakorganisatie ACP. ,,Maar de conclusie kan ook zijn dat politiemensen bij bepaalde branden beter kunnen wegblijven'', aldus voorzitter H. van Duijn van de NPB.
Beide bonden vinden dat de minister van Binnenlandse Zaken hiervoor een landelijk protocol in het leven moet roepen, waaraan alle korpsen zijn gebonden. ,,Iedereen regelt het nu van geval tot geval op zijn eigen manier. Er moet een handboek komen, zodat iedereen weet wat hem te doen staat'', aldus J. Vogel van de ACP.
Van Duijn: ,,Ik vind het moreel niet verantwoord als het ministerie niets onderneemt. We hebben tijdens het laatste overleg geëist dat het de verantwoordelijkheid op zich neemt voor de coördinatie van te nemen maatregelen.''
Politiemensen kwamen de afgelopen tijd - bij de vuurwerkramp in Enschede en de brand bij een chemicaliënopslag in Drachten - tijdens hun werk in aanraking met gevaarlijke stoffen. Een agente uit Drachten die bij de brand giftige stoffen inademde, heeft het medisch advies gekregen voorlopig niet zwanger te worden. In Enschede werden agenten (pas na enkele dagen) voorzien van asbestmaskers.
Beide bonden concluderen dat sinds de Bijlmerramp in 1992 nog maar weinig is geleerd. Ook daar stonden politiemensen onwetend bloot aan gevaarlijke stoffen. Van Duijn: ,,Experts moeten een studie maken en met bruikbare oplossingen komen. Dat wordt echt lastig, want je hebt talloze maskers en nog meer soorten filters. Maar er moet een beschermende uitrusting komen, bijvoorbeeld tegen asbestbranden of branden waarbij zware metalen vrijkomen.''
De ACP roept deskundigen op zich te melden voor een projectgroep die moet adviseren over een eensluidende, landelijk aanpak. Vogel: ,,Je ziet nu dat er niets structureel gebeurt. Elk korps voor zich doet iets. In Friesland hebben ze snel een cursus asbestbranden opgezet en in Noord-Holland-Noord hebben ze op een bureau twee gaspakken opgehangen.'' Agenten en hun leidinggevenden moeten een mentaliteitsomslag maken, menen de bonden. Vogel: ,,Agenten moeten zich bewust zijn van de gevaren.In Limburg noemen brandweermensen politiemensen die bij een brand zijn 'blauwe kanaries'. Elders worden ze 'blauwe reageerbuisjes' genoemd. Als agenten bij een brand nog rondlopen zitten er geen gevaarlijke stoffen in de lucht, is de conclusie.'' Van Duijn. ,,Je moet vaststellen dat leidinggevenden geen enkel besef hebben van de risico's waarin hun mensen werken. Maar met het maken van verwijten schieten we nu niets op. Ook wij - de bonden - en de ondernemingsraden hebben dit laten liggen. Er moet nu iets gebeuren. Maar het is erg ingewikkeld. Daarom is het een illusie te denken dat dit probleem snel kan worden geregeld''.

bron: Algemeen Dagblad