<< Terug naar het nieuwsoverzicht van 2002

01-10-2002

Hoogste urgentie bodemsanering Veghel

Tenminste twaalf percelen in de Veghelse wijlk De Leest moeten volgend jaar worden gesaneerd. De bodem is vervuild met asbest. Volgens projectleidster I. Veentstra is de situatie zo ernstig dat sanering de "hoogste urgentie" heeft. Het karwei staat gepland voor april/mei 2003.
Zo"n drie maanden geleden werd bodemonderzoek verricht in de tuintjes van 78 huishoudens in De Leest. Allemaal woningen rondom het adres Lingestraat 52, waar eind vorig jaar asbest werd aangetroffen. Gisteravond kregen de betrokkenen in De Blauwe Kei de onderzoeksresultaten onder ogen, inclusief een globaal plan van aanpak. Zo is asbest gevonden op percelen aan de Zaanstraat, Lingestraat en Waalstraat. Ook een plantsoen tegenover Leijgraafstraat 28/30 moet worden gesaneerd. Bovendien moet nog maar blijken of uiteindelijk slechts twaalf percelen moeten worden bewerkt. Want tijdens het karwei kunnen aangrenzende adressen alsnog in aanmerking komen, volgens M. Baars van onderzoeksbureau Search. "Als de graafmachines bezig zijn, zien we snel genoeg of we één meter meer of minder moeten afgraven. Maar vijftien meter zal dat nooit zijn."
Tot één meter diepte wordt de grond afgevoerd. Zo verdwijnt zeker 1.750 kubieke meter zand, ongeveer drieduizend ton. Woningen en stenen schuurtjes mogen blijven staan, maar alle voor- en achtertuintjes, opritten, erfafscheidingen en eventueel houten schuurtjes gaan op de schop, zo bleek gisteravond.
Het afgraven van de grond en het opvullen met schoon zand duurt zo"n zes weken. De kosten hiervan worden geschat op 500.000 euro. Daarna wordt het kadaster ingeschakeld om de percelen weer juist te verdelen. Vervolgens wordt alle aangerichte schade vergoed of hersteld. Met de betrokkenen moeten hierover nog afspraken worden gemaakt. Ook moet de huidige situatie nog worden getaxeerd.
Alle kosten van de operatie worden gedragen door de overheid. Zo betaalt de gemeente de eerste 45.000 euro. Van het overige bedrag betaalt de gemeente 7,5 procent. Provincie en rijk hoesten de rest op.

bron: Brabants Dagblad